rsz bloemistNa de vissers, de boeren en de kleine bakkers is het nu de beurt aan de bloemist. De aankondiging dat de btw op sierteelt naar 21 procent schiet, is niet zomaar een beleidswijziging.

Het is de zoveelste legale diefstal uit de portemonnee van de burger en de genadeklap voor een eeuwenoud Nederlands ambacht.


Het patroon is inmiddels pijnlijk herkenbaar.

Terwijl de overheid de mond vol heeft over 'bestaanszekerheid', voert ze een beleid dat diezelfde zekerheid systematisch sloopt. De column van Angela de Jong legt de vinger op de zere plek: de kleine ondernemer, de ruggengraat van onze cultuur en gezelligheid, wordt geofferd op het altaar van de staatskas.

Het argument is altijd hetzelfde: er is geld nodig. Voor de klimaatdoelen, voor de bureaucratie, voor een overheid die alsmaar uitdijt.

Maar de prijs wordt betaald door de mensen die de handen uit de mouwen steken. Een btw-verhoging van 9 naar 21 procent is geen kleine correctie; het is een frontale aanval op een sector die al worstelt met torenhoge energieprijzen en brandstofkosten.

Het resultaat is glashelder:

De burger betaalt: Een simpel bosje bloemen om het huis op te fleuren wordt een onbetaalbare luxe.

De ondernemer bloedt: 2500 voltijdsbanen verdampen en 390 miljoen euro aan omzet wordt simpelweg wegbelast.

De ziel verdwijnt: De warme, deskundige bloemenwinkel maakt plaats voor zielloze plastic import en eenzame bestelbussen.

Het blijft niet bij belasting alleen.

De overheid gebruikt 'duurzaamheid' als wapen om de kleine zelfstandige het leven onmogelijk te maken. Waar een bloemist vroeger bezig was met zijn vak en zijn klanten, moet hij nu vechten tegen een imago van 'vervuiler'. De term "bossie gif" is een gotspe, bedacht door mensen in ivoren torens die het contact met de realiteit op de werkvloer volledig zijn verloren.

Zelfs tradities worden afgebroken. Als gemeenten geen bloemen meer durven te geven bij een jubileum en de paus zijn Nederlandse bloemengroet verliest, zie je de invloed van een overheid die niet langer de eigen cultuur en handel beschermt, maar deze actief ondergraaft.

Waarom stopt niemand ze?

De meest wrange constatering van Angela de Jong is de stilte. Er staan geen trekkers op de snelweg, er is geen Malieveld vol bloemisten. De overheid gokt op deze vermoeidheid. Men weet dat de gewone man en vrouw zo druk zijn met overleven — het betalen van de energierekening en de tankbeurt — dat er weinig energie overblijft om te vechten tegen de volgende belastingverhoging.

Het is een tactiek van uitroken: de belastingen stap voor stap verhogen tot er niets meer overblijft om van te stelen.

Als we toestaan dat de bloemist uit het straatbeeld verdwijnt, verliezen we meer dan alleen wat kleur in de kamer. We verliezen de vrijheid om een betaalbaar product te kopen zonder dat de staat daar een buitenproportioneel deel van opeist. We verliezen ondernemers die generaties lang hard hebben gewerkt en nu worden weggezet als overtollig.

Het is tijd dat de overheid weer leert te dienen in plaats van te stelen.

Want als de laatste bloemenwinkel de deur sluit, blijft er een Nederland over dat grijs, zielloos en financieel uitgekleed is.

En dat heet dan 'vooruitgang'.