Terwijl de Nederlandse overheid in hoog tempo de Groningse gasputten met beton laat volstorten, groeit in de samenleving de weerstand.Uit nieuw onderzoek blijkt dat een meerderheid van de bevolking, inclusief Groningers zelf, deze wil behouden
Terwijl de Nederlandse overheid in hoog tempo de Groningse gasputten met beton laat volstorten, groeit in de samenleving de weerstand.
Uit een representatief onderzoek van Verian in opdracht van De Telegraaf blijkt dat een ruime meerderheid van de Nederlanders — inclusief de Groningers zelf — de gasbel wil behouden als strategische reserve. De angst voor een 'geplande schaarste' en exploderende rekeningen weegt voor velen zwaarder dan de politieke drang naar een definitieve sluiting.
De beelden zijn symbolisch voor de huidige koers: waar experts waarschuwen voor een onzekere energietoekomst, worden de installaties in het Noorden ontmanteld. Mensen zien met lede ogen aan hoe bruikbaar materiaal wordt afgevoerd, terwijl de burger zich afvraagt waar de buffer blijft als de wereldwijd oplopende spanningen tot een echte crisis leiden.
Het onderzoek laat weinig aan de verbeelding over. Maar liefst zes op de tien Nederlanders vindt dat de putten in Groningen beschikbaar moeten blijven voor noodgevallen. De Haagse politiek lijkt echter immuun voor dit 'gas-alarm'.
Ondanks dringende oproepen van energie-experts om een achterdeur open te houden, houden de coalitiepartijen vast aan de wet die de gaswinning voorgoed verbiedt.
Opvallend is de nuance in Groningen zelf. Waar de politiek vaak spreekt namens 'dé Groninger' die volledige sluiting eist, is de werkelijkheid complexer:
44% van de Groningers ziet de resterende gasbel als een noodzakelijke voorraad.
38% van de Groningers is tegen het openhouden.
Dit betekent dat zelfs in het epicentrum van de aardbevingsproblematiek de roep om energiezekerheid luid en duidelijk klinkt.
De roep om het Groningse gas is niet ingegeven door nostalgie, maar door keiharde angst voor de portemonnee. De enquête toont aan dat Nederlanders zich op grote schaal zorgen maken over:
Inflatie (73%): De vrees dat het dagelijks leven onbetaalbaar wordt.
Escalatie (72%): De uitbreiding van internationale conflicten (Oekraïne, Midden-Oosten).
Brandstofkosten (65%): De directe impact aan de pomp.
Terwijl het kabinet inzet op verduurzaming en import van duur vloeibaar gas (LNG), vraagt de burger zich af waarom de eigen, goedkope bronnen letterlijk worden begraven onder een laag beton.
Het rapportcijfer voor het energiebeleid van het kabinet-Jetten is dan ook een zware onvoldoende. Bijna 60% van de ondervraagden stelt dat de overheid momenteel tekortschiet in het voorkomen van energietekorten en prijsstijgingen. Slechts een schamele 11% heeft er alle vertrouwen in.
"Het beleid lijkt gericht op het creëren van een situatie waarin we geen weg meer terug hebben," klinkt het in de wandelgangen van de oppositie. Het onklaar maken van de putten wordt door velen gezien als een onomkeerbare gok met de nationale veiligheid.
De uitkomst van de enquête legt een fundamenteel wantrouwen bloot. Terwijl de overheid 'principes boven alles' stelt door Groningen definitief af te grendelen en vreest de burger dat hij de prijs betaalt voor de acties van een overheid die niet de burger, maar het WEF ziet als opdrachtgever.


