rsz energie armoedeHet moest de grote gelijkmaker worden: de energietransitie. Een gezamenlijke missie voor een schonere planeet.

Maar wie vandaag de dag naar de cijfers kijkt, ziet een heel andere, bittere werkelijkheid.

De verduurzaming van Nederland is verworden tot een omgekeerde herverdelingsmachine.

Een machine die de rijken beloont voor hun groene keuzes en de armen straft voor hun onvermogen om mee te doen. Dat is niet alleen pijnlijk; het is een politieke schande.

Nieuw onderzoek van TNO legt het faillissement van het huidige beleid genadeloos bloot.

Huishoudens met de laagste inkomens besteden gemiddeld drie keer zoveel van hun budget aan energie en brandstof als de rijkste huishoudens. In tochtige, commerciële huurwoningen buiten de Randstad loopt dat op tot wel 16 procent van het maandinkomen.

Ondertussen lacht de gegoede burgerij in de vinexwijk in haar vuistje: dankzij zonnepanelen, een warmtepomp en een gesubsidieerde Tesla op de oprit is hun energierekening gereduceerd tot een schijntje. Maximum 4 procent van hun inkomen gaat naar energie.

De conclusie is onvermijdelijk: we hebben te maken met energie-apartheid.

De boete op armoede

Het meest perverse neveneffect van ons huidige systeem zit in de energiebelasting. Nederland heft bewust flinke belastingen op gas om ons 'te prikkelen' om van het aardgas af te gaan. Maar een prikkel werkt alleen als je een alternatief hebt.

Wat is de realiteit voor een minimuminkomen in een slecht geïsoleerde commerciële huurwoning? Zij kunnen niet isoleren. Zij mogen van de huisbaas niet van het gas af. Zij hebben het kapitaal niet voor een warmtepomp.

Het resultaat? Een gezin in een tochtig huis betaalt gemiddeld 670 euro per jaar méér aan energiebelasting dan een gezin in een energiezuinige woning.

Dit is geen 'prikkel' meer; dit is een asociale boete op armoede. De overheid gebruikt de belastingknop als een blind instrument, waarbij de mensen die geen kant op kunnen de hardste klappen krijgen.

De energiebelasting functioneert momenteel als een omgekeerde subsidie: wie geen geld heeft om te verduurzamen, spekt de schatkist, zodat de overheid weer subsidies kan uitdelen aan de hogere inkomens die wél een elektrische auto kunnen betalen.

De politieke reflex van de afgelopen jaren was steevast: compenseren. Koopkrachtreparaties, tijdelijke prijsplafonds en generieke belastingverlagingen. Miljarden aan belastinggeld werden over het land uitgestrooid om de pijn van de hoge energieprijzen te verzachten.

TNO laat nu zien wat kritische economen al langer riepen: dit is dweilen met de kraan open. Het is symptoombestrijding die de structurele ongelijkheid geen millimeter verkleint. Generieke compensatie subsidieert in feite de achterstallige overlast van luie vastgoedeigenaren.

Het roer moet radicaal om. Stop met het rondpompen van miljarden aan brede compensatie en stop met subsidies die blindelings naar de bovenlaag lekken.

Al dat geld moet direct, dwingend en gericht worden ingezet waar de nood het hoogst is: het isoleren van de onderkant van de woningmarkt.

Als de markt en de commerciële verhuurders het niet vrijwillig doen, dan moet de politiek tanden tonen. Er is een harde isolatieplicht nodig voor de commerciële sector. Woningen met een energielabel E, F of G zouden simpelweg niet meer verhuurd mogen worden zolang ze niet zijn verduurzaamd.

En zolang een huisbaas weigert te isoleren, zou de huurprijs wettelijk met tientallen procenten omlaag moeten. Alleen dán leg je de financiële pijn neer waar hij hoort: bij de eigenaar van het vastgoed, niet bij de huurder die de kachel niet aan durft te zetten.

Als we doorgaan op de huidige weg, creëren we een diepe maatschappelijke kloof tussen de 'groene elite' en de 'fossiele achterblijvers'.