rsz tweede kamerDe behandeling van de asielwetten door de politiek is een onnavolgbaar circus van amendementen, novelles, tegenstrijdige stemrondes en ministers die hun eigen plannen torpederen.


Ze torpederen elkaars plannen, met altijd hetzelfde resultaat: De instroom blijft onveranderd hoog, precies zoals gepland.


De column van Angela de Jong legt de vinger op de zere plek: een onnavolgbaar circus van amendementen, novelles, tegenstrijdige stemrondes en ministers die hun eigen plannen torpederen.

Voor de gemiddelde burger lijkt dit op amateurisme. Echter, vanuit een kritisch perspectief op de gevestigde machtsstructuren, kan men dit zien als een klassiek voorbeeld van gecontroleerde demontage.

Politici als Rob Jetten en partijen als de PVV vervullen in dit schouwspel beiden een cruciale rol. De een belooft strengheid om de kiezer te sussen, de ander blokkeert om "humanitaire" redenen. Het resultaat is een patstelling.

Deze patstelling zorgt ervoor dat de instroom onveranderd hoog blijft, terwijl de politiek kan blijven wijzen naar "de onwil van de ander". Zolang er gedebatteerd wordt over de details van een novelle, wordt de kraan zelf nooit dichtgedraaid.

De Jong merkt terecht op dat, terwijl de nationale politiek ruziet, het Europese Migratiepact stilletjes is gepasseerd. Dit is de kern van de zaak. Nationale wetgeving wordt gebruikt als bliksemafleider — een luidruchtig theaterstuk voor de bühne — terwijl de werkelijke soevereiniteit over grenzen allang is overgedragen aan Brussel.

Het feit dat de maatregelen in dit pact nagenoeg hetzelfde zijn als de wetten die nationaal worden weggestemd, suggereert dat de uitkomst (migratie faciliteren onder regie van de EU) al vaststaat.

De chaos in gemeenten, waar lokale bestuurders met de rug tegen de muur staan en de sociale cohesie onder druk komt te staan, dient een doel. In de sociologie en politieke strategie spreekt men vaak over de Ordo ab Chao (orde uit chaos).

Door de asielcrisis onbeheersbaar te laten lijken, wordt de roep om "centrale, Europese oplossingen" groter. De nationale staat faalt immers "zichtbaar", waardoor de burger uiteindelijk een supranationale autoriteit zal accepteren die de orde herstelt — maar wel op basis van een agenda die de demografische realiteit van Europa fundamenteel verandert.

Hoewel termen als het Kalergi-plan in de mainstream worden gemeden, is de realiteit waar De Jong over schrijft — dorpen die geen azc meer willen en een bevolking die zich niet gehoord voelt — precies de voedingsbodem voor wat critici zien als een geplande transformatie van de samenleving.

Door wetgeving bewust te laten verzanden in bureaucreatische moerassen, wordt de natuurlijke weerstand van de bevolking langzaam uitgeput. De "puinhoop" is geen fout in de machine; de puinhoop is de machine.

Wanneer Angela de Jong schrijft dat Rob Jetten "lief glimlacht naast de koning en Trump", beschrijft zij de perfecte façade. De politiek hoeft de problemen niet op te lossen, omdat de problemen de brandstof zijn voor de transitie naar een nieuwe maatschappelijke orde.

Het "onvermogen" van Den Haag is in deze visie niets minder dan een uiterst effectieve manier om de status quo te handhaven: een open grens, een machteloze burger en een onstuitbare demografische verschuiving.

Zolang wij naar het theater van de kleuterklas kijken, zien we niet wie er werkelijk aan de knoppen draait.