rsz ursula nederlands spaargeldWie de krantenkoppen van de afgelopen weken leest, ziet een opvallend patroon.

De Autoriteit Financiële Markten (AFM) spreekt plotseling haar zorgen uit over de "halsstarrige spaarder".


Volgens de toezichthouder AFM doen 800.000 huishoudens zichzelf tekort door hun geld op een veilige bankrekening te laten staan.

Het advies? Ga beleggen.

Hoewel dit wordt gepresenteerd als een welbedoeld financieel steuntje in de rug, hangt er een geur van sturing omheen die verder reikt dan de Nederlandse landsgrenzen.

Aan de top van de Europese piramide heeft Ursula von der Leyen een probleem: haar ambities zijn groter dan de Europese schatkist. Of het nu gaat om de miljardenverslindende groene transitie of het herbewapenen van het continent in een onveilige wereld; de overheden kunnen het niet alleen betalen.

Het oog van Brussel is daarom gevallen op het "slapende kapitaal" van de burger.

In Nederland alleen al staat ruim 400 miljard euro op spaarrekeningen. Voor politici in Brussel is dit geld dat "niets doet".

Door burgers via toezichthouders en fiscale prikkels richting de beurs te duwen, vloeit dit private vermogen indirect naar de sectoren die de Europese agenda ondersteunen, waaronder de defensie-industrie.

De spaarder wordt zo, vaak onbewust, de financier van de Europese geopolitiek.

De druk om te gaan beleggen is echter meer dan alleen een zoektocht naar kapitaal voor de wapenindustrie; het is een noodzakelijke voorbereiding op de komst van de Central Bank Digital Currency (CBDC), de digitale euro.

De ECB is glashelder over het ontwerp van deze digitale munt: het is een betaalmiddel, geen spaarmiddel. Er wordt gewerkt aan harde bezitslimieten (waarschijnlijk rond de €3.000). Wie meer bezit, wordt gedwongen dit weg te sluizen naar commerciële banken of beleggingsproducten.

In een wereld waarin contant geld wordt teruggedrongen en de digitale euro de standaard wordt, verdwijnt de traditionele veilige haven van de spaarrekening.

De huidige berichtgeving van instanties als de AFM kan dan ook gezien worden als een vorm van "financiële heropvoeding".

Burgers moeten wennen aan het idee dat geld niet langer een statisch bezit is dat je bewaart voor later, maar een dynamisch instrument dat moet rollen (consumptie) of moet werken (beleggen).

Het risico van deze verschuiving is groot. Waar sparen staat voor onafhankelijkheid en rust, staat beleggen voor afhankelijkheid van de markt en blootstelling aan geopolitieke schokken.

Door sparen te ontmoedigen, maakt de overheid de burger kwetsbaarder voor marktfluctuaties en vergroot zij haar eigen grip op waar het maatschappelijk vermogen naartoe stroomt.

De "halsstarrige spaarder" is geen probleem dat opgelost moet worden; het is een burger die kiest voor zekerheid in onzekere tijden.

Maar in het Europa van Von der Leyen en de komende digitale euro is voor die zekerheid geen plaats meer.

De aanval op de spaarrekening is geopend, en de burger wordt subtiel maar beslist richting de uitgang van de bank en de ingang van de beursvloer gedreven.

Het doel is duidelijk: uw geld is niet langer van u, het is van de "strategische autonomie" van Europa.