rsz loonstrookDe Europese Unie heeft weer een nieuwe manier gevonden om zich met de Nederlandse werkvloer te bemoeien.

Het resultaat? Een cultuur van jaloezie, een devaluatie van individuele prestatie en de zoveelste stap richting een overgereguleerde eenheidsworst.



Onder het mom van 'loontransparantie' en 'gelijkheid' dwingt Brussel een richtlijn af die bedrijven transformeert tot administratieve controle-apparaten en de privacy van werknemers bij het grofvuil zet. 

Uit een recente enquête van hr-platform Deel, gepubliceerd door De Telegraaf, blijkt dat de gewone Nederlandse werknemer helemaal niet zit te wachten op deze Brusselse bemoeizucht. Maar liefst 60 procent van de ondervraagden geeft aan helemaal geen behoefte te hebben om te weten wat hun collega's verdienen. En geef ze eens ongelijk. Nederlanders hechten van oudsher aan hun privacy; wat er op je loonstrook staat, is een zaak tussen jou en je werkgever.

Brussel heeft daar lak aan. Met de nieuwe richtlijn, die in Nederland in de loop van het jaar verplicht wordt, moeten salarissen open en bloot op tafel. Het is een nivelleringsfeestje dat rechtstreeks uit het handboek van een geplande (communistische) economie lijkt te komen.

Het grootste slachtoffer van deze maatregel is de motivatie van de werknemer en de vrijheid van de ondernemer.

Ondernemen is risico nemen, kansen inschatten en talent belonen. Als een werkgever een toptechnicus of een commercieel talent extra wil belonen omdat die simpelweg harder loopt, meer oplevert of unieke vaardigheden meebrengt, dan moet dat kunnen. Dat is de basis van de vrije markt.

Wanneer straks iedere loonstrook langs de Brusselse meetlat van 'beloningscategorieën' wordt gelegd, verdwijnt de prikkel om uit te blinken.

Waarom zou je nog een stapje extra zetten als je salaris toch aan banden wordt gelegd door rigide tabellen en angst voor scheve gezichten?

De angst voor jaloezie op de werkvloer is onder werknemers dan ook kerngezond: 60 procent geeft aan op zoek te gaan naar een andere baan als ze vinden dat de verschillen 'oneerlijk' zijn.

In plaats van een gezonde dynamiek creëert Brussel een sfeer van wantrouwen en achterdocht.

"Waarom zou je nog een stapje extra zetten als je salaris toch aan banden wordt gelegd door rigide tabellen en angst voor scheve gezichten?"

De rechtvaardiging voor deze rigoureuze inbreuk op de ondernemersvrijheid is de zogenaamde 'onverklaarbare loonkloof'.

Cijfers worden politiek misbruikt om het idee te voeden dat er op grote schaal gediscrimineerd wordt. In de praktijk blijkt echter dat de markt allang corrigeert en dat verschillen vaak heel logische, individuele oorzaken hebben—zoals onderhandelingsvaardigheid, flexibiliteit of specifieke ervaring.

De angst is dan ook groot dat deze richtlijn de deur wijd openzet voor doorgeschoten identiteitspolitiek en quota-denken.

In plaats van te kijken naar wie het beste is voor de baan, worden werkgevers door wet- en regelgeving steeds vaker in een hoek gedrukt waarin vinkjes op het gebied van diversiteit, achtergrond of geaardheid de doorslag geven boven pure competentie en inzet.

De focus verschuift van wat kun je? naar wie of wat ben je?

Ondertussen zuchten Nederlandse bedrijven nu al onder een gigantische regeldruk. Werkgeversorganisaties trekken niet voor niets aan de bel: de voorbereidingstijd is te kort en de maatregel zorgt voor nóg meer bureaucatische rompslomp.

Bedrijven met meer dan 100 werknemers moeten periodiek gaan rapporteren over loonverschillen en riskeren sancties als de cijfers niet in het Brusselse straatje passen.

In plaats van zich bezig te houden met innovatie, groei en het creëren van banen, zijn ondernemers straks fulltime bezig met het invullen van formulieren om te bewijzen dat ze de 'gelijkheid' wel strikt genoeg naleven.

De Europese richtlijn loontransparantie is een schoolvoorbeeld van een overheid die doorslaat in haar controledrang.

Onder de vlag van gelijkheid wordt de individuele vrijheid opgeofferd. Het haalt de dynamiek uit de economie, straft harde werkers af en dwingt bedrijven in een keurslijf.

Het is de hoogste tijd dat we de waarde van privacy, prestatie en ondernemersvrijheid weer gaan beschermen tegen de nivelleringsdrift uit Brussel.