Wij zijn vergeten wat het leven is 

durf te levenAngst maakt dat wij ons opsluiten in veilige bubbels, met muren om ons heen die het leven voor ons buiten houden. Alles buiten de veilige haven/bubbel is eng.

Wij zijn vergeten wat het leven is. Wat het is om te leven. Zonder grenzen, zonder angst. Uitbundig, vol vertrouwen dat de hemel voor al dat onder haar leeft zorgen zal.




Het volgende is een bijdrage van een lezer (dank!) die ons duidelijk maakt dat wij dikwijls vergeten te leven door alle “bedreigingen” die ons omringen.

Ik ben vroeger internationaal chauffeur geweest (koerier) Ik heb door heel Europa gereden, ben overal geweest. Wanneer mijn baas mij belde om ergens naartoe te rijden, dan zei ik oke. Ik kreeg de route en het adres, haalde mijn lading op en reed van A naar B. Ik heb heel veel in Duitsland gereden, maar ook naar Hongarije, Frankrijk, Denemarken, Oostenrijk, Polen, etc. Telkens waagde ik mijn leven, want rijden is vaak best gevaarlijk. En zelfs al kan ik goed rijden, er rijden vele gekken rond die de meest krankzinnige toeren uithalen op de weg. Ik heb, vooral in Duitsland en in Belgie, verschrikkelijke ongelukken gezien. Een keer een fiatje compleet in de prak, en een paar kilometer verderop een chauffeur in tranen en een politie vrouw die hem trooste. Een paar dure auto’s total loss. Onderdelen lagen over de weg verspreid. En toen zag ik een kinderschoentje. Van een meisje. Ik schat, aan de maat te zien een jaar of drie oud. Een vrachtwagen in Oost Duitsland, dwars door de reling van een tahl-brucke gereden. De oplegger was blijven steken in de reling. De cabine hing aan de kogel met de neus omlaag. Die chauffer heeft op de voorruit gezeten en dik 300 meter omlaag gekeken. God wat zal hij bang geweest zijn! Ik zelf kwam eens aan het glijden op zo’n brug in Oost Duistland. Ijs op de weg. Ik voelde de weg niet meer. Ik trapte de koppeling in, liet het gas los en hield het stuur dood stil in de hoop dat de wagen recht bleef glijden. 1200 kilo aan lading had ik in de bus. Mijn hart klopte in mijn keel en het zweet stond in mijn handen. Ik kreeg weer grip op de weg en ben nog nooit zo blij geweest. Ik ben op lange ritten wel eens plotseling overvallen door vermoeidheid. Flitsen voor de ogen, plotseling wegvallen en slingeren. En dan proberen door te rijden naar de volgende parkeerplaats om even te rusten. Baas bellen, baas boos, want tijd is geld. Elke dag waagde ik mijn leven opnieuw. Elke dag stapte ik in de bus waar ik iedere seconde mijn leven riskeerde. En waarom? Omdat ik thuis een vrouw en twee kinderen had die moesten eten. Daarom! En ik vond ook nog dat ik een mooie baan had vanwege de afwisseling en de kans om heel Europa te zien. En dat allemaal voor een minimum loontje! Zoveel verdiende ik niet. En dan moet ik bang zijn voor een virusje?

Vanaf het moment dat wij onze ogen open doen staan wij bloot aan allerlei gevaren. Kijken wij de dood in de ogen. Telkens weer. 24 uur per dag, dag in dag uit. Zelf in je slaap kun je sterven. En wij zijn bang voor een virusje? Wauw! Veel gekker dan dat kan het toch niet worden!

Ik heb een drugs verslaafde oom. Hele aardig vent. Mijn aardigste oom, maar hij is verslaafd. Elke dag drukt hij meerdere keren een spuit in zijn arm met het risico te sterven aan een o.d. Hij drinkt, slikt, snuift, spuit en rookt. Soms meerdere middelen door elkaar. Hij is een oudere gebruiker en komt er nooit meer vanaf. Hij berust er in dat dope zijn dood zal worden en beseft dat elk moment zijn laatste kan zijn, maar dat kan de pret niet drukken zegt hij. Mijn verbazing was dan ook groot toen ik hem laatst belde en hij zij bezorgdheid uitte over corona. Hij is al oud en zijn gezondheid niet al te best. Als hij het virus zou krijgen zou hij zomaar het loodje kunnen leggen. Ik viel werkelijk van mijn stoel van verbazing! En tegelijkertijd kreeg ik een vreemd, ongrijpbaar gevoel/besef hoe vreemd angst kan werken bij mensen, en dat daar geen enkele logica tegen opgewassen is omdat angst elke vorm van logisch denken compleet te niet doet. Zodra angst toeslaat en bezit neemt verdwijnt elke vorm van rationaliteit als sneeuw voor de zon.

Ik dacht daarover na, want ik begreep niet hoe angst onze enige bescherming tegen die angst kon wegnemen. En ik beseft dat wij mensen van klein af aan groot gebracht zijn met angst. Angst in allerlei vormen en allerlei maten. Die angst maakt dat wij veilige havens zoeken. Bescherming, beschutting. Angst maakt dat wij ons opsluiten in veilige bubbels, met muren om ons heen die het leven voor ons buiten houden. Alles buiten de veilige haven/bubbel is eng. Die bubbel kan van alles zijn: Een verslaving, werk, armoede of succes. Een gezin of groep, een status, of misschien blijdschap of een depressie? Het zijn de dingen die ons binden en maken dat wij bang zijn. Zo voed het ene het andere. Uit angst binden wij ons, en de verbinding maakt ons angstig voor dat wat daar buiten is. En zo zitten wij allemaal in onze velige bubbels. Onze veilige havens, waarvan wij weten waar wij aan toe zijn en wat te verwachten omdat het voorspelbaar is. De wijze waarop ik naar buiten treed geeft mij een voorspelbare reactie van mijn omgeving, en dat is veilig.

Maar die veiligheid, die veilige bubbels waar wij ons in opsluiten, ons mee verbinden, vereenzelvigen, beletten ons ons te uiten zoals wij zijn, het leven te omarmen zoals het is: Grenzeloos en uitbundig, zonder angst. Vertrouwen gaat over in wantrouwen. Kijk naar een baby. Een baby kijkt met vol vertrouwen en vol verwachting de wereld in. Open blik en armpjes gespreid. Wanneer het een kind wordt verschijnt de pijn in de ogen. Het leert bang te zijn. De botten verharden zich, de zachtheid van de huid verdwijnt, de schedel sluit zich. Het sluit zich op in een veilige haven, en als het ouder is is het de onschuld vergeten.

Wij zijn vergeten wat het leven is. Wat het is om te leven. Zonder grenzen, zonder angst. Uitbundig, vol vertrouwen dat de hemel voor al dat onder haar leeft zorgen zal. En omdat wij vergeten zijn wat leven is, zijn wij ook vergeten wat dood is. Wij zijn de eenheid van de constante uitbundigheid uit het oog verloren. En dat verklaard de irrationele angst voor dit kleine, onzichtbare, niet eens bewezen virusje.

Ik keek vanmiddag naar een musje. Zo groot als mijn duim. Tjielpend zo trots. Nergens bang voor!

En laat dat musje nu mijn grote voorbeeld zijn!

Ik wens jullie allemaal veel kracht en wijsheid.
Bezoek ook eens gezondheidswebwinkel Orjana.nl